eLaborate
::: eLaborate options :::
    Show pagebreaks
    Show variations
    Letter



    5824. 1642 augustus 4. Van P. Spiring Silvercrona.1

    Mijnheere,

    De jongste brieven wt Weenen ende Prage brengen anders niet mede, dan dat den aertshertogh Leopold bij Brun2 opgetrocken ende nae Silesiën toe, om Brig t'ontsetten, gemarcheert was; ende dat den generael Torstenson ettelijcke duisent mannen voor Brieg gelaeten ende met den rest hem tegemoet gegaen was, also dat men apparentelick met den eersten wat

    358

    hooftsaackelicks vernemen werde.3 Het guarnisoen tot Olmitz is tot 3000 mannen versterckt, ende laet den gouverneur nogh aen de fortificatiën arbeiden, ende hadde tot beter defentie van de stadt de hooftstadt laten afbranden ende de kercke van de capucins tot een blockhuis accommoderen.4

    Jean de Weert, sijnde den 25e deses tot Franckfort aengecomen, is den volgenden dagh scheepgegaen om nae beneden te comen.5

    Des stadt Hildesheim gedeputeerden, die over de drie maenden te Ceulen hebben gelegen ende bij denselven ceurvorst gesolliciteert, dat sij van desselfs guarnisoenen mochten ontslagen blijven, sijn weder nae huis met cleine satisfactie vertrocken.6

    Hiermede u. Exc.tie bevelende in de protectie Gods, verblijve, mijnheere,

    u. Exc.tie dienstwilligste.

    Haage, 4 Augusti 1642.

    Bovenaan de brief schreef Grotius: Rec. 14 Augusti.

    Notes



    1 - Hs. Den Haag, ARA, Eerste afd., coll. Hugo de Groot, aanw. 1911 XXIII no. 13, 112. Niet ondertek. De brief is van de hand van Spirings secretaris Pieter Pels.
    2 - Tegenw. Brno.
    3 - Brzeg (Brieg) aan de Oder. Van 25 juni tot 25 juli doorstond deze plaats een zware belegering. Zodra de Zweedse opperbevelhebber Lennart Torstensson vernam dat aartshertog Leopold Wilhelm in aantocht was, gaf hij zijn manschappen order om het beleg op te breken; zie de Gazette 1642, no. 111, ‘extraordinaire’ dd. 29 augustus 1642.
    4 - Het Zweedse garnizoen van Olomouc was van 2000 op 3000 man gebracht. Tweeduizend in de haast bijeengebrachte burgers werkten aan de fortificaties (Gazette 1642, no. 101, dd. 9 augustus 1642).
    5 - De Beierse generaal Johan van Werth meldde zich op 5 augustus in het keizerlijk-Beierse legerkamp van Hatzfeldt ende graaf van Wahl te Zons (H. Lahrkamp, Jan von Werth, p. 122).
    6 - De aartsbisschop-keurvorst van Keulen het aanspraken gelden op het Sticht Hildesheim. Over de kwestie van het stadsgarnizoen werd vanaf april onderhandeld (Foerster, Kurfürst Ferdinand von Köln, p. 111-115, met op p. 113 n. 131 de namen van de onderhandelaars).
    Search



    Searchform

    Fulltext search

    Search domain

    Search site
    Search current document

    [text]
    [text]
    [text]