eLaborate
::: eLaborate options :::
    Show pagebreaks
    Show variations
    Letter



    610

    6978. 1644 juli 30. Aan W. de Groot.1

    Mi frater,

    Res Gravelinganae ad exitum properant, gloriosum Gallis ut arbitror.2 A principe Arausionensi plus aliquanto efficaciae exspectatum fuerat;3 utilem tamen etiam nihil agendo fuisse constat. Classis Batavae et legationis in septentrionem quae sint mandata, res docebit,4 multumque id ad futuri diiudicationem pertinebit. Haeret adhuc in Anglia rex5 et, ut puto, quaerit tempus ducere ad hiemen usque. Paris vix aliquam ibi spem video, tristisque audio tantum inter populares sanguinis fundi.6

    Cerizantium non puto quicquam mihi incommodare posse. Habeo literas recentes reginae Suediae benevolas ad me.7 Cerizantio iussum ut quae agenda haberet ad me referat.

    Seditio urbana hic resedit, et puto fore ita res molliter tractentur, ne resurgant,8 Credo Hispanos ita aulae Romanae nomine atque auctoritate uti9 ut interim neque regum iura neque populorum commoda negligant.10 Et exstant ea de re ingentes eorum li-

    611

    bri.11 Galli ubi Gravelingam ceperint Dunquercam capere poterunt;12 ita tamen si campis hostem fugaverint.

    Anthologiam nostram tam diu trahi doleo. Quaeso urge.13 Indices nostri magni ad Annotata in Testamentum Vetus iam finiunt.14

    Gravelingae iam in ipsis propugnaculis dimi‹mi›catur.15 Gallorum trecenti interfecti, caeteri locum tenuere. Praeter cuniculos paratur oppugnatio ex omni parte antequam aliquid tentent Piccolominaeus et Melos. Dux Carolus non transegit cum Gallis. Friburgum adhuc bene defenditur, sed modica cum spe. Sedani detecta est coniuratio pro duce Bulionio. De Ilerda sitne adhuc in Gallorum potestate variat fama.

    Salutes quaeso uxorem, liberos, amicos, praecipue dominum Utenbogardum,16

    tibi obligatissimus frater,
    H. Grotius.

    30 Iulii 1644.

     

    Gravelinga die Iovis facta est Gallorum.

    Notes



    1 - Gedrukt Epist., p. 970 App. no. 716. Antw. op no. 6966, beantw. d. no. 7003.
    2 - De ‘generalissimus’ Gaston van Orléans nam op 28 juli uit handen van de Spaanse gouverneur don Fernando de Solis de capitulatie van Gravelines (Grevelingen) in ontvangst (G. Dethan, Gaston d'Orléans, p. 300).
    3 - De Franse kolonel Godefroi d'Estrades had kardinaal Jules Mazarin bericht dat Frederik Hendrik het plan had opgevat om Sas van Gent te belegeren (Correspondance d'Estrades I, p. 194-195). Het krijgsplan kwam begin augustus in de openbaarheid (Lettres Mazarin II, p. 24-25).
    4 - Grotius was nieuwsgierig naar de instructies die de Staten-Generaal hadden opgesteld voor hun vredesmissies naar de hoven van koning Christiaan IV en koningin Christina.
    5 - Verbeterd uit: ‘res’.
    6 - In de Gazette 1644, no. 89, dd. 30 juli 1644, werd melding gemaakt van de slag die het koninklijke leger van prins Rupert (Robert) van de Palts op 2/12 juli bij Marston Moor met de Schotten en de Parlementslegers van Ferdinando Fairfax en Edward Montague, graaf van Manchester, had geleverd. Op gezag van de Franse zaakgelastigde Melchior, heer van Sabran (no. 6990), aanvaardde de Londense nieuwsagent de lezing dat de legers van de ‘solemn league and covenant’ misschien nog grotere verliezen hadden geleden dan de koninklijken.
    7 - Harald Appelboom had zorg gedragen voor de verzending van het Zweedse koninklijke schrijven, dd. 18/28 mei 1644 (no. 6883), naar Parijs; zie nos. 6955 en 6976. In haar brief had koningin Christina van Zweden enige woorden gewijd aan de missie van haar speciale commissaris Mare Duncan de Cerisantes.
    8 - De bewoners van de Parijse voorsteden waren in opstand gekomen tegen de belasting op nieuwgebouwde huizen (de zogenaamde ‘toisé’) (Chéruel, Histoire de France pendant la minorité de Louis XIV II, p. 87-91). In een arrest van 7 juli verzachtten de raadsheren van het Parlement van Parijs de tenuitvoerlegging van het belastingedict van 27 januari 1644.
    9 - Willem de Groot verbaasde zich over de Spaanse kritiek op de geldverslindende oorlog die de ‘Barberini’ over de rechten op het hertogdom van Castro hadden gevoerd; zie no. 6948.
    10 - Op dit moment legde de Spaanse gevolmachtigde don Diego de Saavedra y Fajardo de laatste hand aan een Corona ghotica, castellana y austriaca, políticamente ilustrada. Het eerste deel van deze verhandeling over de rechten van de Spaanse kroon verscheen pas in 1646 (M. Fraga Iribarne, Don Diego de Saavedra y Fajardo, p. 489-490 en p. 674).
    11 - Misschien doelt Grotius op de Recopilacion de las leyes destos reynos, hecha por mandato de la Magestad Catolica del Rey Don Felipe Segundo ... con las leyes que despues de la ultima impression se han publicado dei Rey Don Felipe Quarto, Madrid 1640; vgl. A. Pérez Martin, in Handbuch der Quellen und Literatur der neueren europäischen Privatrechtsgeschichte II 2, p. 228-237.
    12 - Na Gravelines zou Duinkerken onder vuur genomen kunnen worden. Op 31 juli tekende Olivier Lefèvre d'Ormesson in zijn Journal (I, p. 201-202) op: ‘Les nouvelles estoient que les Hollandois avoient fermé le port de Dunkerque, qui leur doit appartenir par le traité, et que l'on renouveloit l'armée de Monsieur pour y aller’.
    13 - Willem de Groot moest bij de Amsterdamse drukker-uitgever dr. Joan Blaeu informeren naar het plan om de Franse protestant Samuel Sorbière in te schakelen bij het persklaar maken van Grotius' Anthologia Graeca (BG no. 534).
    14 - In zijn brief van 7 mei (no. 6849) had Grotius geschreven dat hij de laatste hand legde aan de indices van zijn Annotata ad Vetus Testamentum (BG no. 1137).
    15 - Deze berichten komen ook voor in Grotius' nieuwsbrieven van 30 juli.
    16 - Johannes Wtenbogaert bezocht vrienden in Utrecht; zie no. 6977.
    Search



    Searchform

    Fulltext search

    Search domain

    Search site
    Search current document

    [text]
    [text]
    [text]