eLaborate
Navigation



Navigate by  
Vorige brief Volgende brief Choose a letter

4992. 1641 januari 1. Van G. Keller.
4993. 1641 januari 4. Van G. Keller.
4994. 1641 januari 5. Aan L. Camerarius.
4995. 1641 januari 5. Aan W. de Groot.
4996. 1641 januari 5. Aan A. Oxenstierna.
4997. 1641 januari 5. Aan N. van Reigersberch.
4998. 1641 [januari] 7. Van W. de Groot.
4999. 1641 januari 7. Van N. van Reigersberch.
5000. 1641 januari 7. Van P. Spiring Silvercrona.
5001. 1641 januari 9. Van J.A. Salvius.
5002. 1641 januari 10. Van P. Pels.
5003. 1641 januari 12. Aan L. Camerarius.
5004. 1641 januari 12. Aan Christina van Zweden.
5005. 1641 januari 12. Aan W. de Groot.
5006. 1641 januari 12. Aan M. Mylonius.
5007. 1641 januari 12. Aan A. Oxenstierna.
5008. 1641 januari 14. Van W. de Groot.
5009. 1641 januari 14. Van N. van Reigersberch.
5010. 1641 januari 14. Van P. Spiring Silvercrona.
5011. 1641 januari 14. Van G.J. Vossius.
5012. 1641 januari 15. Aan Paltsgraaf Leopold Ludwig.
5013. 1641 januari 15. Van A. Oxenstierna.
5014. 1641 januari 16. Van G. Keller.
5015. 1641 januari 16. Van C. Marin.
5016. 1641 januari 17. Van P. Pels.
5017. 1641 januari 19. Aan L. Camerarius.
5018. 1641 januari 19. Aan W. de Groot.
5019. 1641 januari 19. Aan I. Jasky.
5020. 1641 januari 19. Aan A. Oxenstierna.
5021. 1641 januari 19. Aan N. van Reigersberch.
5022. 1641 januari 19. Aan J. de Wicquefort.
5023. 1641 januari 21. Van N. van Reigersberch.
5024. 1641 januari 21. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 3 Bij no. 5024 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 21 januari 1641.
5025. 1641 januari 22. Van J.A. Salvius.
5026. 1641 januari 23. Van C. Marin..
Bijlage no. 4 Bij no. 5026 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 23 januari 1641.
5027. 1641 januari 24. Van I. Jasky.
5028. 1641 januari 26. Aan L. Camerarius.
5029. 1641 januari 26. Aan W. de Groot.
5030. 1641 januari 26. Aan A. Oxenstierna.
5031. 1641 januari 26. Aan N. van Reigersberch.
5032. 1641 januari 28. Van W. de Groot.
5033. 1641 januari 28. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 5 Bij no. 5033 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 28 januari 1641.
5034. 1641 januari 29. Van G. Keller.
5035. 1641 januari 30. Van C. Marin.
5036. 1641 januari 31. Van P. Pels.
5037. 1641 februari 1. Aan J. Duraeus.
5038. 1641 februari 2. Aan L. Camerarius.
5039. 1641 februari 2. Aan W. de Groot.
5040. 1641 februari [2]. Aan A. Oxenstierna.
5041. 1641 februari 2. Aan N. van Reigersberch.
5042. 1641 februari 2. Aan N. van Reigersberch.
5043. 1641 februari 2. Aan N. van Reigersberch.
5044. 1641 februari 2. Aan J.A. Salvius.
5045. 1641 februari 2. Aan [J. de Wicquefort?].
5046. 1641 februari 4. Van W. de Groot.
5047. 1641 februari 4. Van N. van Reigersberch.
Bijlage no. 6 Bij no. 5047 Bijvoegsel bij een brief van N. van Reigersberch dd. 4 februari 1641.
5048. 1641 februari 4. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 7 Bij no. 5048 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 4 februari 1641.
5049. 1641 februari 5. Van G. Keller.
5050. 1641 februari 6. Van C. Marin.
Bijlage no. 8 Bij no. 5050 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 6 februari 1641.
5051. 1641 februari 7. Van P. Pels.
5052. 1641 februari 9. Aan L. Camerarius.
5053. 1641 februari [9]. Aan W. de Groot.
5054. 1641 februari 9. Aan N. van Reigersberch.
5055. 1641 februari 11. Van W. de Groot.
5056. 1641 februari 11. Aan A. Oxenstierna.
5057. 1641 februari 11. Aan J.A. Salvius.
5058. 1641 februari 11. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 9 Bij no. 5058 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 11 februari 1641.
5059. 1641 februari 13. Van C. Marin.
5060. 1641 februari 16. Aan L. Camerarius.
5061. 1641 februari 16. Aan W. de Groot.
5062. 1641 februari 16. Aan A. Oxenstierna.
5063. 1641 februari 16. Aan N. van Reigersberch.
5064. 1641 februari 16. Aan N. van Reigersberch.
5065. 1641 februari 16. Aan J.A. Salvius.
5066. 1641 februari 18. Van W. de Groot.
5067. 1641 februari 18. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 10 Bij no. 5067 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 18 februari 1641.
5068. 1641 februari 20. Van C. Marin.
5069. 1641 februari 21. Van P. Pels.
5070. 1641 februari 21. Aan N. van Reigersberch.
5071. 1641 februari 22. Van G. Keller.
5072. 1641 februari 23. Aan L. Camerarius.
5073. 1641 februari 23. Aan W. de Groot.
5074. 1641 februari 23. Aan I. Jasky.
5075. [1641 februari 23.] Van L. Aubéry du Maurier.
5076. 1641 februari 23. Aan A. Oxenstierna.
5077. 1641 februari 23. Aan N. van Reigersberch.
5078. 1641 februari 25. Van W. de Groot.
5079. 1641 februari 25. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 11 Bij no. 5079 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 25 februari 1641.
5080. 1641 februari 26. Van G. Keller.
5081. 1641 februari 27. Van C. l'Empereur.
5082. 1641 februari 27. Van C. Marin.
5083. 1641 maart 2. Aan L. Camerarius.
5084. 1641 maart 2. Aan W. de Groot.
5085. 1641 maart 2. Aan A. Oxenstierna.
5086. 1641 maart 4. Van W. de Groot.
5087. 1641 maart 4. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 12 Bij no. 5087 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 4 maart 1641.
5088. 1641 maart 5. Van G. Keller.
5089. 1641 maart 6. Van C. Marin.
Bijlage no. 13 Bij no. 5089 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 6 maart 1641.
5090. 1641 [maart] 6. Aan N. van Reigersberch.
5091. 1641 maart 9. Aan L. Camerarius.
5092. 1641 maart 9. Aan J.P. de la Gardie.
5093. 1641 maart 9. Aan W. de Groot.
5094. 1641 maart 9. Aan A. Oxenstierna.
5095. 1641 maart 9. Aan A. Oxenstierna.
5096. 1641 maart 9. Aan N. van Reigersberch.
5097. 1641 maart 11. Van W. de Groot.
5098. 1641 maart 11. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 14 Bij no. 5098 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 11 maart 1641.
5099. 1641 maart 12. Van G. Keller.
5100. 1641 maart 13. Van C. Marin.
5101. 1641 maart 16. Aan L. Camerarius.
5102. 1641 maart 16. Aan W. de Groot.
5103. 1641 maart 16. Aan A. Oxenstierna.
5104. 1641 maart 16. Aan N. van Reigersberch.
5105. 1641 maart 18. Van W. de Groot.
5106. 1641 maart 18. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 15 Bij no. 5106 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 18 maart 1641.
5107. 1641 maart 19. Van G. Keller.
5108. 1641 maart 21. Van C. Marin.
5109. 1641 maart 21. Van P. Pels.
5110. 1641 maart 23. Aan L. Camerarius.
5111. 1641 maart 23. Aan W. de Groot.
5112. 1641 maart 23. Aan A. Oxenstierna.
5113. 1641 maart 23. Aan N. van Reigersberch.
5114. 1641 maart 23. Aan N. van Reigersberch.
5115. 1641 maart 25. Van W. de Groot.
5116. 1641 maart 25. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 16 Bij no. 5116 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 25 maart 1641.
5117. 1641 maart 26. Van G. Keller.
5118. 1641 maart 28. Van C. Marin.
5119. 1641 maart 30. Aan L. Camerarius.
5120. 1641 maart 30. Aan W. de Groot.
5121. 1641 maart 30. Aan A. Oxenstierna.
5122. 1641 maart 30. Aan N. van Reigersberch.
5123. 1641 maart [30]. Aan N. van Reigersberch.
5124. 1641 april 1. Van W. de Groot.
5125. 1641 april 1. Van I. Jasky.
5126. 1641 april 1. Van P. Spiring Silvercrona.
5127. 1641 april 2. Van G. Keller.
5128. 1641 april 4. Van C. Marin.
5129. 1641 april 6. Aan L. Camerarius.
5130. 1641 april 6. Aan W. de Groot.
5131. 1641 april 6. Aan A. Oxenstierna.
5132. 1641 april 6. Aan G. Oxenstierna.
5133. 1641 april 6. Aan N. van Reigersberch.
5134. 1641 april 6. Aan N. van Reigersberch.
5135. 1641 april 8. Van W. de Groot.
5136. 1641 april 8. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 17 Bij no. 5136 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 8 april 1641.
5137. 1641 april 9. Van G. Keller.
Bijlage no. 18 Bij no. 5137 Bijvoegsel bij een brief van G. Keller dd. 9 april 1641.
5138. 1641 april 11. Van C. Marin.
5139. 1641 april 12. Van J. Wtenbogaert.
5140. 1641 april 13. Aan L. Camerarius.
5141. 1641 april 13. Aan W. de Groot.
5142. 1641 april 13. Aan A. Oxenstierna.
5143. 1641 april 13. Aan N. van Reigersberch.
5144. 1641 april 13. Aan N. van Reigersberch.
5145. 1641 april 15. Van N. de Bye.
5146. 1641 april 15. Van W. de Groot.
5147. 1641 april 15. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 20 Bij no. 5147 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 15 april 1641.
5148. 1641 april 16. Van G. Keller.
5149. 1641 april 18. Van C. Marin.
5150. 1641 april 20. Aan L. Camerarius.
5151. 1641 april 20. Aan A. Oxenstierna.
5152. 1641 april 20. Aan N. van Reigersberch.
5153. 1641 april 21. Aan W. de Groot.
5154. 1641 april 22. Van W. de Groot.
5154A. 1641 april 21. Aan A. Oxenstierna.
5155. 1641 april 22. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 21 Bij no. 5155 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 22 april 1641.
5156. 1641 april 24. Van G. Keller.
5157. 1641 april 25. Van C. Marin.
5158. 1641 april 27. Aan L. Camerarius.
5159. 1641 april 27. Aan W. de Groot.
5160. 1641 april 27. Aan A. Oxenstierna.
5161. 1641 april 27. Aan N. van Reigersberch.
5162. 1641 april 29. Van W. de Groot.
5163. 1641 april 29. Van P. Spiring Silvercrona.
5165. 1641 mei 2. Van C. Marin.
5166. 1641 mei 3. Van G. Keller.
5167. 1641 mei 4. Aan L. Camerarius.
5168. 1641 mei 4. Aan W. de Groot.
5169. 1641 mei 4. Aan [A. Oxenstierna.]
5170. 1641 mei 4. Aan N. van Reigersberch.
5171. 1641 mei 4. Aan J.A. Salvius..
5172. 1641 mei 6. Van W. de Groot.
5173. [1641 mei 6.] Van P. Spiring Silvercrona.
5174. 1641 mei 8. Van C. Marin.
Bijlage no. 22 Bij no. 5174 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 8 mei 1641.
5175. 1641 mei 9. Van P. Pels.
5176. 1641 mei 10. Van G. Keller.
5177. 1641 mei 11. Aan L. Camerarius.
5178. 1641 mei 11. Aan A. Oxenstierna.
5179. 1641 mei 11. Aan N. van Reigersberch.
5180. 1641 mei 11. Van J.A. Salvius.
5181. 1641 mei 12. Aan W. de Groot.
5182. [1641] mei 12. Aan I. Jasky.
5183. 1641 mei 13. Van W. de Groot.
5184. 1641 mei 13. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 23 Bij no. 5184 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 13 mei 1641.
5185. 1641 mei 16. Van C. Marin.
5186. 1641 mei 17. Van G. Keller.
5187. 1641 mei 18. Aan L. Camerarius.
5188. 1641 mei 18. Aan W. de Groot.
5189. 1641 mei 18. Van L. Aubery du Maurier.
5190. 1641 mei 18. Aan A. Oxenstierna.
5191. 1641 mei 18. Aan N. van Reigersberch.
5192. 1641 mei 20. Van P. Spiring Silvercrona.
5193. 1641 mei 23. Van C. Marin.
5194. 1641 mei 26. Aan L. Camerarius.
5195. 1641 mei 26. Aan W. de Groot.
5196. 1641 mei 26. Van L. Aubéry du Maurier.
5197. 1641 mei 26. Aan A. Oxenstierna.
5198. 1641 mei 26. Aan N. van Reigersberch.
5199. 1641 mei 26. Aan N. van Reigersberch.
5200. 1641 mei 27. Van W. de Groot.
5201. 1641 mei 27. Van N. van Reigersberch.
5202. 1641 mei 30. Van C. Marin.
Bijlage no. 25 Bij no. 5202 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 30 mei 1641.
5203. 1641 mei 30. Van P. Pels.
5204. [1641] juni 1. Aan P. Brahe.
5205. 1641 juni 1. Aan L. Camerarius.
5206. 1641 juni 1. Aan W. de Groot.
5207. 1641 juni 1. Aan A. Oxenstierna.
5208. 1641 juni 1. Aan N. van Reigersberch.
5209. 1641 juni 3. Van W. de Groot.
5210. [1641 juni 3]. Van N. van Reigersberch.
5211. 1641 juni 3. Van P. Spiring Silvercrona.
5212. 1641 juni 4. Van G. Keller.
5213. 1641 juni 4. Van J.A. Salvius.
5214. [1641 juni 5]. Van F. Moser von Filseck.
5215. 1641 juni 6. Van C. Marin.
5216. 1641 juni 7. Van G. Keller.
5217. 1641 juni 8. Aan L. Camerarius.
5218. 1641 juni 8. Aan W. de Groot.
5219. 1641 juni 8. Aan A. Oxenstierna.
5220. 1641 juni 8. Van A. Oxenstierna.
5221. 1641 juni 8. Aan N. van Reigersberch.
5222. 1641 juni 8. Van N. van Reigersberch.
5223. 1641 juni 8. Van G. Rosenhane.
5224. 1641 juni 10. Van W. de Groot.
5225. 1641 juni 10. Van P. Spiring Silvercrona.
5226. 1641 juni 11. Aan L. le Bouthillier de Chavigny.
5227. 1641 juni 13. Van C. Marin.
5228. 1641 juni 14. Van Pieter Pels.
5229. 1641 juni 15. Aan L. Camerarius.
5230. 1641 juni 15. Aan W. de Groot.
5231. 1641 juni 15. Aan M. Mylonius.
5232. 1641 juni 15. Aan A. Oxenstierna.
5233. 1641 juni 15. Aan N. van Reigersberch.
5234. 1641 juni 15. Aan J.A. Salvius.
5235. 1641 juni 17. Van W. de Groot.
5236. 1641 juni 17. Van N. van Reigersberch.
5237. 1641 juni 17. Van P. Spiring Silvercrona.
5238. 1641 juni 18. Van G. Keller.
5239. 1641 juni 20. Van C. Marin.
Bijlage no. 26 Bij no. 5239 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 20 juni 1641.
5240. 1641 juni 22. Aan L. Camerarius.
5241. 1641 juni 22. Aan W. de Groot.
5242. 1641 juni 22. Aan A. Oxenstierna.
5243. 1641 juni 22. Aan N. van Reigersberch.
5244. [1641 juni 22]. Aan N. van Reigersberch.
5245. 1641 juni 24. Van W. de Groot.
5246. 1641 juni 24. Van N. van Reigersberch.
5247. 1641 juni 24. Van P. Spiring Silvercrona.
5248. 1641 juni 27. Van C. Marin.
5249. 1641 juni 29. Aan L. Camerarius.
5250. 1641 juni 29. Aan W. de Groot.
5251. 1641 juni 29. Aan A. Oxenstierna.
5252. 1641 juni 29. Aan N. van Reigersberch.
5253. 1641 juni 29. Aan N. van Reigersberch.
5254. 1641 juni 29. Aan J.A. Salvius.
5255. 1641 juni 29. Aan J. de Wicquefort.
5255. 1641 juni 29. Aan J. de Wicquefort.
5256. 1641 juni 30. Van N. van Reigersberch.
5257. 1641 juli 1. Van W. de Groot.
5258. 1641 juli 2. Van C. Marin.
5259. 1641 juli 2. Van J.A. Salvius.
5260. [1641 juli ±4.] Van J. Epstein.
5261. [1641 juli ±4.] Van J. Epstein.
5262. 1641 juli 6. Aan L. Camerarius.
5263. 1641 juli 6. Aan W. de Groot.
5264. 1641 juli 6. Aan G. Horn.
Bijlage no. 28 Bij no. 5264 Brieven van F.R. Mockhel aan G. Horn.
5265. 1641 juli 6. Aan A. Oxenstierna.
5266. 1641 juli 6. Aan N. van Reigersberch.
5267. 1641 juli 8. Van W. de Groot.
5268. 1641 juli 8. Van N. van Reigersberch.
5269. 1641 juli 8. Van P. Spiring Silvercrona.
5270. 1641 juli 11. Van I. Jasky.
5271. 1641 juli 11. Van C. Marin.
5272. 1641 juli 12. Van G. Keller.
5273. 1641 juli 13. Aan L. Camerarius.
5274. 1641 juli 13. Aan W. de Groot.
5275. 1641 juli 13. Aan A. Oxenstierna.
5276. 1641 juli [13]. Aan N. van Reigersberch.
5277. 1641 juli 13. Aan N. van Reigersberch.
5278. 1641 juli 14. Van W. de Groot.
5279. 1641 juli 15. Van N. van Reigersberch.
5280. 1641 juli 15. Van P. Spiring Silvercrona.
5281. 1641 juli 18. Van C. Marin.
5282. 1641 juli 18. Van P. Pels.
5283. 1641 juli 20. Aan L. Camerarius.
5284. 1641 juli 20. Aan W. de Groot.
5285. 1641 juli 20. Aan A. Oxenstierna.
5286. 1641 juli 20. Aan A. Oxenstierna.
5287. 1641 juli 20. Aan N. van Reigersberch.
5288. [1641 juli 20]. Aan N. van Reigersberch.
5289. 1641 juli 20. Aan [J.A. Salvius.]
5290. 1641 juli 22. Van W. de Groot.
5291. 1641 juli 22. Van N. van Reigersberch.
5292. 1641 juli 23. Van G. Keller.
Bijlage no. 29 Bij no. 5292 Bijvoegsel bij een brief van G. Keller dd. 23 juli 1641.
5293. 1641 juli 25. Van C. Marin.
5294. 1641 juli 27. Aan L. Camerarius.
5295. 1641 juli 27. Aan W. de Groot.
5296. 1641 juli 27. Aan A. Oxenstierna.
5297. 1641 juli 27. Aan A. Oxenstierna.
5298. 1641 juli 27. Aan N. van Reigersberch.
5299. 1641 [juli 27.] Aan N. van Reigersberch.
5300. 1641 juli 29. Van W. de Groot.
5301. 1641 augustus 1. Van C. Marin.
5302. 1641 augustus 3. Aan L. Camerarius.
5303. 1641 augustus 3. Aan W. de Groot.
5304. 1641 augustus 3. Aan A. Oxenstierna.
5305. 1641 augustus 3. Aan N. van Reigersberch.
5306. 1641 augustus 3. Aan N. van Reigersberch.
5307. 1641 augustus 5. Van W. de Groot.
Bijlage no. 30 Bij no. 5307 Brief van D. de Groot aan W. de Groot dd. 25 juli 1641.
5308. 1641 augustus 6. Van J.A. Salvius.
5309. 1641 augustus 8. Van C. Marin.
Bijlage no. 31 Bij no. 5309 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 8 augustus 1641.
5310. 1641 augustus 9. Aan L. Camerarius.
5311. 1641 augustus 9. Aan W. de Groot.
5312. 1641 augustus 9. Aan I. Jasky.
5313. 1641 augustus 9. Aan A. Oxenstierna.
5314. 1641 augustus 9. Van A. Oxenstierna.
5315. 1641 augustus 9. Aan N. van Reigersberch.
5316. 1641 augustus 9. Aan N. van Reigersberch.
5317. 1641 augustus 11. Van E.W. von Inn- und Knyphausen.
Bijlage no. 32 Bij no. 5317 Bijvoegsel bij een brief van E.W. von Inn- und Knyphausen dd. 11 augustus 1641.
5318. 1641 augustus 12. Van D. de Groot.
5319. 1641 augustus 12. Van W. de Groot.
5320. 1641 augustus 12. Van P. Spiring Silvercrona.
5321. 1641 augustus 13. Van G. Keller.
5322. 1641 augustus 15. Van C. Marin.
Bijlage no. 33 Bij no. 5322 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 15 augustus 1641.
5323. 1641 augustus 17. Aan L. Camerarius.
5324. 1641 augustus 17. Aan W. de Groot.
5325. 1641 augustus 17. Aan A. Oxenstierna.
5326. 1641 augustus 17. Aan N. van Reigersberch.
5327. 1641 augustus 17. Aan [J. de Wicquefort?]
5328. 1641 augustus 19. Van W. de Groot.
5329. 1641 augustus 19. Van P. Spiring Silvercrona.
Bijlage no. 34 Bij no. 5329 Bijvoegsel bij een brief van P. Spiring Silvercrona dd. 19 augustus 1641.
5330. 1641 augustus 22. Van C. Marin.
5331. 1641 augustus 24. Aan L. Camerarius.
5332. 1641 augustus 24. Aan W. de Groot.
5333. 1641 augustus 24. Aan A. Oxenstierna.
5334. 1641 augustus 24. Aan N. van Reigersberch.
5335. 1641 augustus 24. Aan [J. de Wicquefort?]
5336. 1641 augustus 26. Van W. de Groot.
5337. 1641 augustus 26. Van P. Spiring Silvercrona.
5338. 1641 augustus 29. Van C. Marin.
5339. 1641 augustus 31. Aan L. Camerarius.
5340. 1641 augustus 31. Aan W. de Groot.
5341. 1641 augustus 31. Aan A. Oxenstierna.
5342. 1641 augustus 31. Aan N. van Reigersberch.
5343. 1641 augustus 31. Aan J.A. Salvius.
5344. 1641 augustus 31. Aan F. Sprecher von Bernegg.
5345. 1641 september 2. Van W. de Groot.
5346. 1641 september 2. Van N. van Reigersberch.
5347. 1641 september 2. Van P. Spiring Silvercrona.
5348. 1641 september 2. Van G.J. Vossius.
5349. 1641 september 5. Van C. Marin.
5350. 1641 september 7. Aan L. Camerarius.
5351. 1641 september 7. Aan W. de Groot.
5352. 1641 september 7. Aan M. Mylonius.
5353. 1641 september 7. Aan A. Oxenstierna.
5354. 1641 september 7. Aan N. van Reigersberch.
5355. 1641 september 7. Van G. Rosenhane.
5356. 1641 september 9. Van W. de Groot.
5357. 1641 september 9. Van N. van Reigersberch.
5358. 1641 september 9. Van P. Spiring Silvercrona.
5359. 1641 september 10. Van G. Keller.
5360. 1641 september 12. Van C. Marin.
Bijlage no. 35 Bij no. 5360 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 12 september 1641.
5361. 1641 september 13. Van F.R. Mockhel.
5362. 1641 september 14. Aan L. Camerarius.
5363. 1641 september 14. Aan W. de Groot.
5364. 1641 september 14. Aan A. Oxenstierna.
5365. 1641 september 14. Aan N. van Reigersberch.
5366. 1641 september 14. Aan N. van Reigersberch.
5367. 1641 september 14. Aan G.J. Vossius.
5368. 1641 september 16. Van W. de Groot.
5369. 1641 september 16. Van N. van Reigersberch.
5370. 1641 september 16. Van P. Spiring Silvercrona.
5371. 1641 september 17. Van G. Keller.
5372. 1641 september 20. Aan L. le Bouthillier de Chavigny.
5373. 1641 september 20. Van C. Marin.
5374. 1641 september 21. Aan L. Camerarius.
5375. 1641 september [21]. Aan W. de Groot.
5376. 1641 september 21. Aan A. Oxenstierna.
5377. 1641 september [21]. Aan N. van Reigersberch.
5378. 1641 september 21. Aan N. van Reigersberch.
5379. 1641 september 22. Van N. van Reigersberch.
5380. 1641 september 23. Van W. de Groot.
5381. 1641 september 23. Van P. Spiring Silvercrona.
5382. 1641 september 24. Van G. Keller.
Bijlage no. 36 Bij no. 5382 Bijvoegsel bij een brief van G. Keller dd. 24 september 1641.
5383. 1641 september 25. Van J. van Reigersberch.
5384. 1641 september 26. Van C. Marin.
5385. 1641 september 26. Van P. Pels.
5386. 1641 september 27. Van D. de Groot.
5387. 1641 september 28. Aan L. Camerarius.
5388. 1641 september 28. Aan W. de Groot.
5389. 1641 september 28. Aan M. Mylonius.
5390. 1641 september 28. Aan A. Oxenstierna.
5391. 1641 september 28. Aan N. van Reigersberch.
5392. 1641 september 28. Aan N. van Reigersberch.
5393. 1641 september 28. Aan J. Wtenbogaert.
5394. 1641 september 30. Van W. de Groot.
5395. 1641 september 30. Van P. Spiring Silvercrona.
5396. 1641 oktober 1. Van G. Keller.
5397. 1641 oktober 1. Van N. van Reigersberch.
5398. 1641 oktober 2. Van C. Marin.
5399. 1641 oktober 5. Aan L. Camerarius.
5400. 1641 oktober 5. Aan W. de Groot.
5401. 1641 oktober 5. Aan A. Oxenstierna.
5402. 1641 oktober 5. Aan N. van Reigersberch.
5403. 1641 [oktober] 7. Van W. de Groot.
5404. 1641 oktober 7. Van N. van Reigersberch.
5405. 1641 oktober 7. Van P. Spiring Silvercrona.
5406. 1641 oktober 8. Van D. de Groot.
5407. 1641 oktober 8. Van G. Keller.
5408. 1641 oktober 8. Aan D. Petavius.
5409. 1641 oktober 10. Van C. Marin.
5410. 1641 oktober 10. Van P. Pels.
5411. 1641 oktober 12. Aan L. Camerarius.
5412. 1641 oktober 12. Aan W. de Groot.
5413. 1641 oktober 12. Aan A. Oxenstierna.
5414. 1641 oktober 12. Aan N. van Reigersberch.
5415. 1641 oktober 12. Aan N. van Reigersberch.
5416. 1641 oktober 12. Aan N. van Reigersberch.
5417. 1641 oktober 14. Van W. de Groot.
5418. 1641 oktober 14. Van N. van Reigersberch.
5419. 1641 oktober 14. Van P. Spiring Silvercrona.
5420. 1641 oktober 15. Van G. Keller.
5421. 1641 oktober 16. Aan G. Rosenhane.
5422. 1641 oktober 17. Van C. Marin.
5423. 1641 oktober 18. Aan J. van Reigersberch.
5424. 1641 oktober 19. Aan L. Camerarius.
5425. 1641 oktober 19. Aan W. de Groot.
5426. 1641 oktober 19. Aan A. Oxenstierna.
5427. 1641 [oktober] 19. Aan N. van Reigersberch.
5428. 1641 oktober 19. Aan N. van Reigersberch.
5429. 1641 oktober 20. Aan W. de Groot.
5430. 1641 oktober 21. Van W. de Groot.
5431. 1641 oktober 21. Van P. Spiring Silvercrona.
5432. 1641 oktober 22. Van G. Keller.
5433. 1641 oktober 22. Aan D. Petavius.
5434. 1641 oktober 22. Van N. van Reigersberch.
5435. 1641 oktober 24. Van C. Marin.
5436. 1641 oktober 26. Aan L. Camerarius.
5437. 1641 oktober 26. Aan W. de Groot.
5438. 1641 oktober 26. Aan A. Oxenstierna.
5439. 1641 oktober 26. Aan N. van Reigersberch.
5440. 1641 oktober 26. Aan N. van Reigersberch.
5441. 1641 oktober 28. Van W. de Groot.
5442. 1641 oktober 28. Van P. Spiring Silvercrona.
5443. 1641 oktober 28. Van G.J. Vossius.
5444. 1641 oktober 29. Van N. van Reigersberch.
5445. 1641 oktober 30. Van Christina van Zweden.
Bijlage no. 38 Bij no. 5445 Brief van Christina van Zweden aan Lodewijk XIII dd. 30 oktober 1641.
5446. 1641 oktober 30. Van C. Marin.
5447. 1641 november 1. Aan L. Camerarius.
5448. 1641 november 1. Aan W. de Groot.
5449. 1641 november 1. Aan A. Oxenstierna.
5450. 1641 november 1. Aan D. Petavius.
5451. 1641 november 1. Aan N. van Reigersberch.
5452. 1641 november 1. Aan N. van Reigersberch.
5453. 1641 november 3. Van N. van Reigersberch.
5454. [1641 november 4]. Van P. Spiring Silvercrona.
5455. 1641 november 5. Van G. Keller.
5456. [1641] november 8. Van J. de Vassan de Saint-Paul.
5457. 1641 november 9. Aan L. Camerarius.
5458. 1641 november 9. Aan W. de Groot.
5459. 1641 november 9. Aan A. Oxenstierna.
5460. 1641 november 9. Aan N. van Reigersberch.
5461. 1641 november 9. Aan N. van Reigersberch.
5462. 1641 november 11. Van W. de Groot.
5463. 1641 november 12. Van G. Keller.
5464. 1641 november 14. Van C. Marin.
5464A. 1641 november 15. Van J. Oxenstierna.
Bijlage no. 40 Bij no. 5464 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 14 november 1641.
5465. 1641 november 16. Aan W. de Groot.
5466. 1641 november 16. Aan A. Oxenstierna.
5467. 1641 november 16. Aan N. van Reigersberch.
5468. 1641 november 16. Aan N. van Reigersberch.
5469. 1641 november 16. Aan J.A. Salvius.
5470. 1641 november 17. Aan L. Camerarius.
5471. 1641 november 18. Van D. de Groot.
5472. 1641 november 18. Van W. de Groot.
5473. 1641 november 21. Van C. Marin.
Bijlage no. 41 Bij no. 5473 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 21 november 1641.
5474. 1641 november 23. Aan L. Camerarius.
5475. 1641 november 23. Aan W. de Groot.
5476. 1641 november 23. Aan A. Oxenstierna.
5477. 1641 november 23. Aan N. van Reigersberch.
5478. 1641 november 23. Aan N. van Reigersberch.
5479. 1641 november 23. Aan G.J. Vossius.
5480. 1641 november 25. Van S. Episcopius.
5481. 1641 november 25. Van W. de Groot.
5482. 1641 november 28. Van C. Marin.
5483. 1641 november 29. Aan W. de Groot.
5484. 1641 november 30. Aan L. Camerarius.
5485. 1641 november 30. Aan E. de Courcelles.
5486. 1641 november 30. Aan A. Oxenstierna.
5487. 1641 november 30. Aan N. van Reigersberch.
5488. 1641 november 30. Aan P. Spiring Silvercrona.
5489. 1641 december 2. Van W. de Groot.
5490. 1641 december 5. Van C. Marin.
Bijlage no. 42 Bij no. 5490 Bijvoegsel bij een brief van C. Marin dd. 5 december 1641.
5491. 1641 december 7. Aan L. Camerarius.
5492. 1641 december 7. Aan W. de Groot.
5493. 1641 december 7. Aan A. Oxenstierna.
5494. [1641 december 7?]. Aan N. van Reigersberch.
5495. 1641 december 7. Aan N. van Reigersberch.
5496. 1641 december 9. Van W. de Groot.
5497. 1641 december 9. Van P. Spiring Silvercrona.
5498. 1641 december 9. Van P. Spiring Silvercrona.
5499. 1641 december 12. Van C. Marin.
5500. 1641 december 13. Van P. Pels.
5501. 1641 december 14. Aan L. Camerarius.
5502. 1641 december 14. Aan A. Oxenstierna.
5503. 1641 december 14. Aan J. Oxenstierna.
5504. 1641 december 14. Aan N. van Reigersberch.
5505. [1641 december 14?]. Aan N. van Reigersberch.
5506. 1641 december 15. Aan W. de Groot.
5507. 1641 december 16. Van F.R. Mockhel.
5508. 1641 december 16. Van P. Spiring Silvercrona.
5509. 1641 december 19. Van C. Marin.
5510. 1641 december 20. Van G. Keller.
5511. 1641 december 21. Aan L. Camerarius.
5512. 1641 december 21. Aan W. de Groot.
5513. 1641 december 21. Aan A. Oxenstierna.
5514. 1641 december 21. Aan N. van Reigersberch.
5515. 1641 december 21. Aan J.A. Salvius.
5516. 1641 december 22. Van C. Sarravius.
5517. 1641 december 23. Van W. de Groot.
5518. 1641 december 23. Aan C. Sarravius.
5519. 1641 december 23. Van P. Spiring Silvercrona.
5520. 1641 december 24. Van G. Keller.
5521. 1641 december 24. Van F.R. Mockhel.
5522. 1641 december 26. Aan W. de Groot.
5523. 1641 december 26. Van C. Marin.
5524. 1641 december 27. Aan L. Camerarius.
5525. 1641 december 27. Aan A. Oxenstierna.
5526. 1641 december 27. Aan N. van Reigersberch.
5527. 1641 december 27. Aan N. van Reigersberch.
5528. 1641 december 29. Van W. de Groot.
5529. 1641 december 30. Van P. de Groot.
5530. 1641 december 30. Van P. Spiring Silvercrona.
5531. 1641 december 31. Van G. Keller.
Letter



5332. 1641 augustus 24. Aan W. de Groot.1

Mi frater,

In indice2 tam multa contra meum sensum sunt posita, ut plane eum velim recudi3 aut ab omnibus exemplaribus auferri, ut opus non inutile tantum, sed et damnosum. Misi quae corrigenda sunt ad Vergoesium4 primum, deinde ad te. Misi et errata erratorum,5 quae ita multa sunt, ut recudi ea vel meis impensis omnino velim. Vide, quid sit operis minus idoneis uti. Ego, nisi meliores correctores nanciscatur, nihil ei6 posthac mei commiserim.

De feudo scripseram7 matrem mihi videri praeferendam filio,8 nisi mater per aliam lineam in propiori sit gradu ad ultimum possessorem.9

De Smalcio10 credo.

Cardinalis multa quidem dicit et dici iubet, quae ad pacem conducunt. Sed protestantes ista omnia vulgant, quasi in omnibus victoria ipsis concederetur, quod multum abest, eoque

468

vereor, ne sibi noceant. Cadunius11 strennue pergit ad pacem conniti et edit quaedam non inutilia.

Si quis Vossiorum12 posset facere versionem Graecorum in Annotatis, valde id mihi placeret. Bremius13 plane ei labori par non est et labor mihi iniungeretur tam multa emendandi, ut non minus id grave sit futurum quam vertere.

Aira imbellem turbam eiecit; famem enim non frustra timet, si manet obsidio. Exercitus tum Hispanicus tum Gallicus sunt XX millium. Suis rex utetur aut ad oppugnanda castra aut ad tentandam obsidionem aliam. Et iam Bressaeus14 cum modico apud Peronam minatur ingressum in Belgicam. Cum alio agmine Granzaeus15 Barri obsidionem moliri videtur, ubi praesidii aliquid reliquit dux Carolus16 reliquum militem tenens inter Montem et Valentinianas. Guisius in castris est Hispanicis ut marescallus militiae caesaris. Paret ei Lamboius.17 Est ibidem Elbovius.18 De Conisio et Taragona exspectamus nuntios.

Vale quam optime, cum matre, uxore, liberis et amicis.

Tibi obligatissimus frater
H. Grotius.

Lutetiae, 24 Augusti 1641.

 

Si forte non recte curata fuissent errata erratorum, mitto eadem ad marginem erratorum a me annotata. Haec autem exacte corrigi eo magis refert, quod ad hanc formam corrigendae erunt editiones secuturae. Miror me nihil intelligere neque de Blanchiae scriptis19 neque de meis ad Epistolam Pauli ad Philemonem.20 Rogo epistolas meas relegas.

Vellem ad promovendam pacem inter christianos edi formam professionis synodi Tridentinae, confessionem Augustanam ex editione ultima, Consultationem Cassandri emendatam ad optima exemplaria, ad quam adderem mea Annotata non nimis magna, sex ferme quaternionum in octavo. Possent addi nostra Institutio baptizatorum, trimetri de Eucharistia, Disquisitio de Pelagii dogmatibus.21 Haec omnia multum lucis adferre possent pacem cum veritate

469

amantibus. Sed cum video, quam inquinate ista mea edantur, quam paucos habeam, quibus possum fidere, nihil aliud constituere possum quam Deum orandum, ut mihi bona et consilia et auxilia subministret.

Petrus Pelsius,22 qui apud me vixit, in Batavos [abiit] cancellarii Suediae, ut mihi pater eius scribit,23 iussu. Velim scire, ubi victurus et quibuscum et quid acturus.

Notes



1 - Gedrukt Epist., p. 925 App. no. 561. Antw. op no. 5319; beantw. d. no. 5345.
2 - De index van Grotius' Annotationes in libros Evangeliorum (BG no. 1135).
3 - De uitgave der Epist. geeft ten onrechte: excudi.
4 - Vermoedelijk Willem van der Goes (no. 4995 n. 15). Grotius' correspondentie met hem van 1641 ontbreekt.
5 - Zie no. 5311; zie ook infra, postscriptum.
6 - Namelijk de uitgevers Blaeu.
7 - No. 5300 dd. 29 juli over de opvolging in de heerlijkheid Bergen.
8 - Resp. Elisabeth, gravin van Lippe, en haar neef Herman Otto, graaf van Limburg en Bronckhorst.
9 - Otto V, laatste graaf zu Holstein-Schaumburg-Pinneberg.
10 - Peter Abel Schmalz (Smalze), voormalig secretaris van Axel Oxenstierna (no. 5249 n. 13).
11 - Bedoeld zal zijn Philippe Codurc (no. 5230 n. 10), wiens naam in de uitgave der Epist. herhaaldelijk onjuist gelezen is. Het is mij niet bekend welke uitgave hij in de zomer van 1641 voorbereidde.
12 - Franciscus (1608-1645), Matthaeus (1611-1646) of Isaac (1618-1689) Vossius. Grotius heeft de vertaling van de Griekse en Hebreeuwse citaten in zijn Annotationes bij het Oude en Nieuwe Testament (BG nos. 1135-1141) in 1643 zelf verzorgd; zie supra no. 5039 n. 27.
13 - Daniël de Breen (Brenius), theoloog te Amsterdam (no. 4998 n. 13), corrigeerde een deel van de drukproeven van Grotius' Annotationes (BG no. 1135) en vervaardigde de registers.
14 - Urbain de Maillé, markies van Brezé (no. 5142 n. 16).
15 - Jacques Rouxel de Médavy, graaf van Grancey (no. 5323 n. 11).
16 - Karel IV, hertog van Lotharingen. Met ‘Mons’ is Bergen in Henegouwen bedoeld, met ‘Valentinianae’ Valenciennes.
17 - Wilhelm, baron van Lamboy (no. 5005 n. 12).
18 - Charles II de Lorraine, hertog van Elboeuf (no. 5205 n. 8).
19 - Het traktaat over de weduwstaat van Suzanna van Reigersberch, weduwe van Anthonie Bloncke; zie no. 5218 n. 11.
20 - Grotius' Commentatio in Epistolam Pauli apostoli ad Philemonem (BG no. 1136), afgedrukt achterin de uitgave van De iure belli ac pacis van 1642 (BG no. 571).
21 - Het geheel werd in deze zelfde volgorde gepubliceerd als Via ad pacem ecclesiasticam. In qua continentur confessio fidei secundum Conc. Trid., confessio fidei Augustana, Consultatio Cassandri, Annotata H. Grotii in Consult. Cassandri, H. Grotii poema de Baptismate, poema de Eucharistia, Disquisitio Pelagiana, anno MDCXLII (BG no. 1166). Grotius' Annotata ad Consultationem Cassandri (BG no. 1165) verscheen tevoren, in september 1641, in een aparte editie op kosten van de auteur; de Latijnse vertaling (BG no. 79) van zijn Vraghe en antwoordt over den Doop van 1618 (BG no. 59) verscheen voor het eerst in zijn uitgave van Sacra van 1635 (BG no. 157), p. 156-169; het gedicht Eucharistia (‘Procul profani...’) (BG no. 211) was voordien gepubliceerd in de Poemata Collecta van 1617 (BG no. 1), p. 138-146. Grotius' Dis- quisitio an Pelagiana sint ea dogmata quae nunc sub eo nomine traducuntur (BG no. 939) verscheen voor het eerst in 1622 (BG no. 937). Onder Grotius' nagelaten papieren bevindt zich bovendien een verzameling van stukken die vermoedelijk voor de totstandkoming van het werk zijn gebruikt. Zie hs. Parijs, BN, Lat. 9722; L.J. Noordhoff, Beschrijving, p. 71-74.
22 - Grotius' voormalige secretaris Pieter Pels (no. 5228 n. 1) was vanaf september 1641 als secretaris in dienst bij de Zweedse resident in Den Haag, Petter Spiring Silvercrona (no. 5000 n. 1).
23 - Paulus Pels, Staats agent in Danzig; zie zijn brief dd. 18 juli 1641, no. 5282.
Search



Searchform

Fulltext search

Search domain

Search site
Search current document

Letter



5332. 1641 augustus 24. Aan W. de Groot.1

Mi frater,

In indice2 tam multa contra meum sensum sunt posita, ut plane eum velim recudi3 aut ab omnibus exemplaribus auferri, ut opus non inutile tantum, sed et damnosum. Misi quae corrigenda sunt ad Vergoesium4 primum, deinde ad te. Misi et errata erratorum,5 quae ita multa sunt, ut recudi ea vel meis impensis omnino velim. Vide, quid sit operis minus idoneis uti. Ego, nisi meliores correctores nanciscatur, nihil ei6 posthac mei commiserim.

De feudo scripseram7 matrem mihi videri praeferendam filio,8 nisi mater per aliam lineam in propiori sit gradu ad ultimum possessorem.9

De Smalcio10 credo.

Cardinalis multa quidem dicit et dici iubet, quae ad pacem conducunt. Sed protestantes ista omnia vulgant, quasi in omnibus victoria ipsis concederetur, quod multum abest, eoque

468

vereor, ne sibi noceant. Cadunius11 strennue pergit ad pacem conniti et edit quaedam non inutilia.

Si quis Vossiorum12 posset facere versionem Graecorum in Annotatis, valde id mihi placeret. Bremius13 plane ei labori par non est et labor mihi iniungeretur tam multa emendandi, ut non minus id grave sit futurum quam vertere.

Aira imbellem turbam eiecit; famem enim non frustra timet, si manet obsidio. Exercitus tum Hispanicus tum Gallicus sunt XX millium. Suis rex utetur aut ad oppugnanda castra aut ad tentandam obsidionem aliam. Et iam Bressaeus14 cum modico apud Peronam minatur ingressum in Belgicam. Cum alio agmine Granzaeus15 Barri obsidionem moliri videtur, ubi praesidii aliquid reliquit dux Carolus16 reliquum militem tenens inter Montem et Valentinianas. Guisius in castris est Hispanicis ut marescallus militiae caesaris. Paret ei Lamboius.17 Est ibidem Elbovius.18 De Conisio et Taragona exspectamus nuntios.

Vale quam optime, cum matre, uxore, liberis et amicis.

Tibi obligatissimus frater
H. Grotius.

Lutetiae, 24 Augusti 1641.

 

Si forte non recte curata fuissent errata erratorum, mitto eadem ad marginem erratorum a me annotata. Haec autem exacte corrigi eo magis refert, quod ad hanc formam corrigendae erunt editiones secuturae. Miror me nihil intelligere neque de Blanchiae scriptis19 neque de meis ad Epistolam Pauli ad Philemonem.20 Rogo epistolas meas relegas.

Vellem ad promovendam pacem inter christianos edi formam professionis synodi Tridentinae, confessionem Augustanam ex editione ultima, Consultationem Cassandri emendatam ad optima exemplaria, ad quam adderem mea Annotata non nimis magna, sex ferme quaternionum in octavo. Possent addi nostra Institutio baptizatorum, trimetri de Eucharistia, Disquisitio de Pelagii dogmatibus.21 Haec omnia multum lucis adferre possent pacem cum veritate

469

amantibus. Sed cum video, quam inquinate ista mea edantur, quam paucos habeam, quibus possum fidere, nihil aliud constituere possum quam Deum orandum, ut mihi bona et consilia et auxilia subministret.

Petrus Pelsius,22 qui apud me vixit, in Batavos [abiit] cancellarii Suediae, ut mihi pater eius scribit,23 iussu. Velim scire, ubi victurus et quibuscum et quid acturus.

Notes



1 - Gedrukt Epist., p. 925 App. no. 561. Antw. op no. 5319; beantw. d. no. 5345.
2 - De index van Grotius' Annotationes in libros Evangeliorum (BG no. 1135).
3 - De uitgave der Epist. geeft ten onrechte: excudi.
4 - Vermoedelijk Willem van der Goes (no. 4995 n. 15). Grotius' correspondentie met hem van 1641 ontbreekt.
5 - Zie no. 5311; zie ook infra, postscriptum.
6 - Namelijk de uitgevers Blaeu.
7 - No. 5300 dd. 29 juli over de opvolging in de heerlijkheid Bergen.
8 - Resp. Elisabeth, gravin van Lippe, en haar neef Herman Otto, graaf van Limburg en Bronckhorst.
9 - Otto V, laatste graaf zu Holstein-Schaumburg-Pinneberg.
10 - Peter Abel Schmalz (Smalze), voormalig secretaris van Axel Oxenstierna (no. 5249 n. 13).
11 - Bedoeld zal zijn Philippe Codurc (no. 5230 n. 10), wiens naam in de uitgave der Epist. herhaaldelijk onjuist gelezen is. Het is mij niet bekend welke uitgave hij in de zomer van 1641 voorbereidde.
12 - Franciscus (1608-1645), Matthaeus (1611-1646) of Isaac (1618-1689) Vossius. Grotius heeft de vertaling van de Griekse en Hebreeuwse citaten in zijn Annotationes bij het Oude en Nieuwe Testament (BG nos. 1135-1141) in 1643 zelf verzorgd; zie supra no. 5039 n. 27.
13 - Daniël de Breen (Brenius), theoloog te Amsterdam (no. 4998 n. 13), corrigeerde een deel van de drukproeven van Grotius' Annotationes (BG no. 1135) en vervaardigde de registers.
14 - Urbain de Maillé, markies van Brezé (no. 5142 n. 16).
15 - Jacques Rouxel de Médavy, graaf van Grancey (no. 5323 n. 11).
16 - Karel IV, hertog van Lotharingen. Met ‘Mons’ is Bergen in Henegouwen bedoeld, met ‘Valentinianae’ Valenciennes.
17 - Wilhelm, baron van Lamboy (no. 5005 n. 12).
18 - Charles II de Lorraine, hertog van Elboeuf (no. 5205 n. 8).
19 - Het traktaat over de weduwstaat van Suzanna van Reigersberch, weduwe van Anthonie Bloncke; zie no. 5218 n. 11.
20 - Grotius' Commentatio in Epistolam Pauli apostoli ad Philemonem (BG no. 1136), afgedrukt achterin de uitgave van De iure belli ac pacis van 1642 (BG no. 571).
21 - Het geheel werd in deze zelfde volgorde gepubliceerd als Via ad pacem ecclesiasticam. In qua continentur confessio fidei secundum Conc. Trid., confessio fidei Augustana, Consultatio Cassandri, Annotata H. Grotii in Consult. Cassandri, H. Grotii poema de Baptismate, poema de Eucharistia, Disquisitio Pelagiana, anno MDCXLII (BG no. 1166). Grotius' Annotata ad Consultationem Cassandri (BG no. 1165) verscheen tevoren, in september 1641, in een aparte editie op kosten van de auteur; de Latijnse vertaling (BG no. 79) van zijn Vraghe en antwoordt over den Doop van 1618 (BG no. 59) verscheen voor het eerst in zijn uitgave van Sacra van 1635 (BG no. 157), p. 156-169; het gedicht Eucharistia (‘Procul profani...’) (BG no. 211) was voordien gepubliceerd in de Poemata Collecta van 1617 (BG no. 1), p. 138-146. Grotius' Dis- quisitio an Pelagiana sint ea dogmata quae nunc sub eo nomine traducuntur (BG no. 939) verscheen voor het eerst in 1622 (BG no. 937). Onder Grotius' nagelaten papieren bevindt zich bovendien een verzameling van stukken die vermoedelijk voor de totstandkoming van het werk zijn gebruikt. Zie hs. Parijs, BN, Lat. 9722; L.J. Noordhoff, Beschrijving, p. 71-74.
22 - Grotius' voormalige secretaris Pieter Pels (no. 5228 n. 1) was vanaf september 1641 als secretaris in dienst bij de Zweedse resident in Den Haag, Petter Spiring Silvercrona (no. 5000 n. 1).
23 - Paulus Pels, Staats agent in Danzig; zie zijn brief dd. 18 juli 1641, no. 5282.